Opstanding: niet te geloven...

Opstanding uit de doden past niet in mijn begrip van de werkelijkheid. Daar krijg ik het ook niet in gewrongen.

Of dat tweeduizend jaar geleden heel anders was? Ja, mensen vonden het toen gemakkelijker te accepteren dat er dingen gebeurden die ze niet snapten. Wij denken nu wel heel vaak dat we alles begrijpen, en dat wat we níet begrijpen ook niet waar kan zijn.

Lees meer

Veertig dagen tot Pasen

Van Aswoensdag tot Pasen is het 47 dagen. Toch heet de voorbereidingstijd voor Pasen veertigdagentijd – zeven dagen minder dus. De reden? De zondagen tellen niet mee.

Die veertigdagentijd heet in de oude kerkelijke traditie, die nu vooral in de rooms-katholieke kerk wordt bewaard, ook wel vastentijd. Vasten verbinden wij vooral met onthouding: iets niet doen. Maar het woord heeft oorspronkelijk meer te maken met het omgekeerde: ergens aan vasthouden. Dat is waar het om draait: dat je je even niet laat afleiden door allerlei kortetermijnverlangens en -doelen, maar vasthoudt aan waar het ook al weer om gaat in ons leven.

Lees meer

Kerst: naar buiten!

In de kerstnacht stromen de kerken vol. Dat is niet zomaar hang naar traditie - ook op IJburg vieren ze kerstnacht en moeten ze daarvoor de sporthal huren om iedereen een plaats te geven. Van ontkerkelijking merk je op kerstavond even niks.

Of misschien juist wel. Want kerst is bij uitstek het verhaal waarvoor mensen uit hun vertrouwde omgeving naar buiten moeten. In het veld, daar gebeurt kerst. En misschien zijn na decennia van ontkerkelijking die kerken inmiddels wel die vreemde plaatsen geworden, waarvoor je uit je eigen veilige en met kerst ook wat heilige huisje naar buiten komt, om daar dat andere verhaal te horen.

Lees meer

De Goede Week: kom je ook?

De Goede of Stille Week staat voor de deur. Een heel bijzondere tijd, waar we al vanaf Aswoensdag naar toe leven. Het is ‘back to basics’ – het christelijk geloof draait om het leven, sterven en de opstanding van Jezus Christus. Het kruis is het centrale symbool van het christelijk geloof. 

Misschien vind je het soms lastig, dat verhaal van Jezus. Ik hoor nogal eens dat mensen moeite hebben met de gedachte dat Jezus is gestoven voor onze zonden. Moest dat nou allemaal zo gruwelijk? En wat zegt dat eigenlijk over ons, zijn we dan zo schuldig? En het volgende moment vertelt een ander me dat ze gered is door Jezus Christus, was het maar eerder gebeurd. ‘Had ik me maar eerder echt bekeerd tot Jezus, want ik heb me nog nooit zo vrij gevoeld. Eindelijk vrij van de last uit mijn verleden’. We staan blijkbaar allemaal op een andere manier te kijken naar dat kruis van Golgotha. goedeweek

Lees meer

Helden

Op een koude stille zaterdag kook ik graag risotto. Ik snipper een uitje, snijd een beetje knoflook en een zooitje paddenstoelen. Ik schuif de risotto in de pan - even laten glanzen, een restje witte wijn en dan begint het grote roeren. Soulfood. Soulfood is het type maaltijd dat vraagt om tijd en aandacht. Maar je krijgt er veel voor terug – troost, warmte, gezelschap en inspiratie.

Mijn held is op dit moment de schrijfster Marilynne Robinson. Haar boeken zijn mijn soulfood geworden in het afgelopen jaar. Geen hapklare brokken literair vermaak, maar trage verhalen die mijn ziel raken. Ze vragen om tijd en aandacht, soms meer dan ik heb. Maar de verhalen raken aan iets wat zich in mij beweegt. De personages uit de boeken van Robinson vertellen wat ik al vermoedde over God, maar in hun verhaal krijgt het een vorm waarin ik het beter begrijp.

Onder de duizenden fans van haar werk schaart zich president Obama. Hij regelde een persoonlijk en mooi interview met haar, waarin hij zegt: ‘The most important stuff I’ve learned I think I’ve learned from novels. It has to do with empathy. It has to do with being comfortable with the notion that the world is complicated and full of grays, but there’s still truth there to be found, and that you have to strive for that and work for that’ (vrij vertaald: ‘De meest belangrijke dingen die ik heb geleerd, heb ik geleerd uit verhalen. Het heeft te maken met empathie. Het heeft te maken met de geruststellende wetenschap dat de wereld weliswaar gecompliceerd is en vol grijstinten zit, maar dat er nog altijd een waarheid te vinden is, en dat je je ervoor moet inspannen en ervoor moet werken.’)

Ik had het niet beter kunnen zeggen. De verhalen van Robinson beginnen in een fictief dorp in Iowa. John Ames, de oude dominee, schijft een brief aan zijn jonge zoon uit zijn tweede huwelijk. Hij wil zijn zoon zijn levensverhaal vertellen, maar daar is hij nu nog te jong voor. En John is te oud om te kunnen wachten tot de zoon volwassen is. John Ames is een overtuigd christen, maar dat betekent nog niet dat het makkelijk voor hem is. Hij zoekt naar hoe zijn geloof licht werpt op zijn eigen rommelige familiegeschiedenis. Hij zoekt hoe en waar God raakt aan de verhalen van alle mensen met wie hij verbonden is.

Robinson, die zich zeer heeft verdiept in het protestantisme, heeft een zeldzaam talent. Het is het talent waar ik als predikant op hoop en in ieder geval hard voor werk. Robinson heeft het talent van het woord. In een interview met de BBC vertelt Robinson over de behoefte van de mens om zichzelf uit te drukken in taal. Het is de behoefte om iets te onthullen van wat er in ons omgaat. Dit onthullen heeft natuurlijk ook een theologische kant. Het is immers in woorden dat God van zichzelf laat horen. In de Amsterdamse context waar ik werk begrijpen mensen niet meteen wat ik bedoel als het heb over dat Woord met een hoofdletter. En juist in die puzzel rond de (on)verstaanbaarheid van het christelijk geloof werd Robinson mijn held.

In de verhalen die zij schrijft, krijgen woorden als genade, verzoening, twijfel en aanvaarding een centrale plek. Niet als idee. Maar in personages die leven van genade, hopen op verzoening en overvallen worden door twijfel. Ze zijn zo menselijk en herkenbaar, ze lijken op alle mensen met wie ik verbonden ben. Die praten niet zo makkelijk over zoiets als genade, maar uit hun levensverhaal blijkt hoe ze ernaar zoeken. De romans van Marilynne Robinson zijn de beste preken die ik in jaren heb gehoord. Dus ik zou zeggen: neem de tijd voor wat soulfood. Schenk een goed glas wijn in en stap in de wereld van dominee John Ames en iedereen met wie hij verbonden is. Ik ben ondertussen één van hen.

Een nieuw seizoen

Een van de belangrijkste beslissingen op weg naar de brugklas is de aanschaf van de juiste agenda. Ik kan me in ieder geval herinneren dat ik uren in de V&D doorbracht, twijfelend over welke agenda ik zou kopen. Er moest genoeg ruimte zijn om er – naast je huiswerk – van alles in te kunnen schrijven: verliefdheden, roddels, tekeningen, teksten over leraren. 

In de loop der jaren werd het steeds minder belangrijk. Maar zo’n maagdelijk lege agenda roept bij mij nog steeds een prettige spanning op. Er gaat van alles gebeuren, maar je weet nog niet precies wat en hoe. Het leven als een lege bladzijde waar alle ruimte is voor nieuwe herinneringen.

Dat septembergevoel, die prettige spanning, kan trouwens makkelijk omslaan in stress. Niks prettigs meer aan. Het beklemmende gevoel dat je te weinig tijd hebt voor alles wat je wil doen. Je agenda wordt je vijand in plaats van je vriend als er nergens lege vakjes zijn. De nieuwsgierige verwachting slaat dan om in stress. Er moet van alles. Geen tijd om een beetje aan te klooien in de marge van de agenda.

In de Elthetokerk heb ik de afgelopen tijd vaak gevoeld hoe makkelijk het gevoel van vrolijke verwachting verstoord kan raken door ‘alles wat moet’. Ik hoop dat mensen in de kerk verrast worden door bijzondere ontmoetingen met God en met elkaar, maar het gevoel dat er allerlei taken (en verwachtingen) liggen drukt vaak op ons. Voor je het weet is de kerk en/of het wonen in een leefgemeenschap een bron van stress in plaats van een bron van inspiratie. Ik kan me van de afgelopen vier jaar geen kernraadsvergadering herinneren waar de vacatures, het beheer van het gebouw of de geldzorgen geen punt van zorg of aandacht waren. Om maar iets te noemen.

Tegelijkertijd weten steeds meer mensen onze kerk te vinden als een huis van God in de Indische Buurt. Mensen voelen zich welkom bij de Buurthulp en bij Re-play, bij de buurtmaaltijd, het avondgebed en op zondag. De kerk is geworden wat we hopen. Een vrolijke instuif vol verrassende ontmoetingen tussen een vluchteling en een oude schipper. Een plek voor een alleenstaande jonge moeder om op verhaal te komen en haar verhaal te doen.

Stoppen met allerlei activiteiten om ons te bezinnen (op de overbelasting die sommigen van ons voelen) lijkt daarom geen optie. Wat dan wel?

Ik wil dit seizoen graag met jullie nadenken over onze roeping. Waartoe zijn we geroepen als christelijke gemeenschap in Oost? Als we daar met elkaar een antwoord op vinden, kunnen we ook antwoord vinden op de vraag waartoe we niet geroepen zijn. Leven met God is een leven richting de toekomst. We mogen loslaten wat te zwaar is en met een lichte bagage op weg gaan. Op je slippers, zoals de discipelen van Jezus. Op weg met vertrouwen, zoals Abraham. Geraakt door God, zoals Jesaja.

Dit is de focus die ik zoek in de kringen (Wijze Woensdagen), preken en gesprekken in het komende seizoen. Ik hoop dat de focus op onze roeping ons zal inspireren én de moed zal geven om los te laten wat te zwaar is om op weg te kunnen gaan.